Sterke overheidsdiensten: verslag van de studiedag
Maakt Europa sterke overheisdiensten nog mogelijk? Dat was het thema van een studiedag op 8 februari 2010. Sprekers waren onder meer Chris Reniers, Jules Stuyck, Dirk Van Evercooren, Rita Baeten en Fons Leroy. Lees hier het verslag.
In haar welkomstwoord schetste Chris Reniers, algemeen secretaris van ACOD, het belang van een sterke overheid. Voor ACOD is dit een evidentie en ook het Vlaams ABVV besteedt er uitgebreid aandacht aan in de voorbereidende teksten van ons congres op 7 en 8 mei 2010.
Een sterke overheid is nodig, voor de banken te controleren, voor een degelijke gezondheidszorg, voor kwaliteitsvolle en betaalbare diensten voor iedereen.
Professor Jules Stuyck gaf een overzicht van de bestaande Europese wetgeving over de Europese dienstenrichtlijn. We kennen nu het verschil tussen niet-economische diensten van algemeen belang die niet onder de dienstenrichtlijn vallen en de diensten van economische belang die wel moeten voldoen aan de regels van de dienstenrichtlijn.
De professor benadrukte dat Europa sterke overheidsdiensten zeker niet onmogelijk maakt en dat de dienstenrichtlijn geen rechtstreekse invloed heeft op de liberalisering van de diensten van algemeen economisch belang.
Uit de heldere toelichting van Dirk Van Evercooren (VREG) over de gevolgen van de liberalisering voor de energiesector leerden we dat er ook voor de liberalisering al een belangrijke private(monopolie) speler was voor de productie en transport van energie.

De liberalisering heeft het private monopolie inzake productie niet kunnen doorbreken waardoor de verwachte positieve resultaten van concurrentie niet hebben plaatsgevonden (prijsdaling).
Uit het debat dat volgde onthouden we zeker ook nog dat de sociaal zwakkeren ondanks veel bijkomende regelgeving en bescherming geen voordeel hebben gedaan omdat de tarieven ontransparant en complex blijven. Een sterke overheid blijft nodig als waakhond, regulator en als marktcorrector (sociale en ecologische correcties).
Rita Baeten (OSE) gaf een overzicht van de mogelijke gevaren die een liberaal Europa kan hebben met hun fetisj over deregulering, harmonisering en het uitdeinend marktconcept.

Uit het debat dat hierop volgde bleek duidelijk dat er een verscheidenheid van acties gaande van politieke lobby’ing tot doorgedreven syndicale actie resultaten kunnen boeken in de praktijk om bepaalde marktmechanismen niet toe te laten omwille van sociale, maatschappelijke redenen.
Een mooi voorbeeld van geslaagde, gezamenlijke actie is onze strijd tegen de zogenaamde Bolkensteinrichtlijn of de strijd tegen de commercialisering van de diensten van kinderopvang.
Het derde debat over het arbeidsmarktgebeuren leidde ons dadelijk naar de discussie over de uitbesteding van de dienstverlening en de actor- of regiefunctie van de VDAB.
Onze syndicale visie is glashelder en beschouwt de huidige diensten van de VDAB niet als economische diensten en als dusdanig niet als marktgericht. Vanuit vakbondszijde kan er enkel sprake zijn van uitbesteding van een gedeelte van deze diensten indien dit een duidelijke maatschappelijke meerwaarde oplevert. De eerste evaluatie van het huidige uitbestedingsbeleid lijkt onze stelling te onderschrijven.

Tot slot vatte sp.a kamerlid Dirk Van der Maelen de conclusies van deze studiedag kernachtig samen in enkele duidelijke zinnen met de boodschap:
De tijdsgeest leert ons dat een sterke overheid noodzakelijk is. We zien dit in de bankencrisis maar ook in onze dagdagelijkse strijd voor transparantere energiefacturen, een betaalbare kinderopvang, de kwaliteit van de begeleiding van werkzoekenden, …
Een sterke overheid is de beste garantie voor betaalbare, toegankelijke diensten en een sociale cohesie en tegen armoede. Dit zal op Europees vlak zeker een aandachtspunt zijn tijdens het Belgisch voorzitterschap in het tweede deel van het jaar.
Een sterke overheid is een politieke keuze, een progressieve beleidskeuze waar socialisten borg voor moeten staan.
Organisatie
Deze studiedag was een organisatie van Vlaams ABVV, ACOD, socialistische mutualiteiten en de socialistische fractie van het Europees parlement.
